Luizen

Bij een melding van hoofdluis worden alle kinderen in de betreffende groep door de luizenouders gecontroleerd. De leerkracht geeft een brief mee. Daarin worden de ouders geïnformeerd dat er hoofdluis in de groep van hun kind voorkomt.
Een groep wordt wekelijks gecontroleerd tot het luizenvrij is.

Wanneer hoofdluis gemeld wordt (door een ouder), dient de betreffende leerkracht het gehele team op de hoogte te stellen.

Een groep ouders helpt mee met de controles. De ouders die helpen bij de controle kunnen via de GGD een cursus hiervoor krijgen.
Het is wenselijk om één luizenouder per klas te hebben. Is dit niet mogelijk dan de groep(en) verdelen over de luizenouders van andere groepen.

De eerste week na een vakantie is er een algehele controle in alle groepen. Bij ontdekken van luizen wordt de desbetreffende groep na een week weer gecontroleerd. Bij aanwezigheid van luizen wordt de ouder gebeld en moet het kind meteen van school worden gehaald. Het kind mag pas terug komen als de haren zijn gewassen met een daarvoor bestemde shampoo.
Bij aanwezigheid van verse neten wordt de ouder benaderd en verzocht het kind te behandelen.

De ouders/verzorgers zijn in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor het adequaat behandelen van hoofdluis binnen het gezin. Dat betekent dat zij het kind regelmatig moeten kammen met een netenkam. Bij besmetting moet een behandeling worden gestart met een middel, verkrijgbaar bij de apotheek. Daarna dagelijks kammen om ook de oude neten te verwijderen. Herhaling van de behandeling met een lotion na een week is sterk aan te bevelen.
De school verstrekt aan iedere leerling een luizencape. De verantwoordelijkheid voor het gebruik van de cape ligt bij de leerling en de ouders.

Als ondanks behandeling hoofdluis aanwezig blijft op de school, kan de leerkracht de ouders/verzorgers naar de GGD verwijzen voor advies, onderzoek of een consult.

Blijft het probleem bestaan dan kan de directie besluiten het kind niet toe te laten tot het luizenvrij is.